Ethische Perspectieven 26 (2016) 2

Teleologie. Een alternatief voor de laatmoderne condition humaine?

Jörgen Vijgen


In deze bijdrage wordt allereerst de ambiguďteit van het zelfbeeld van de laatmoderne mens in het Westen geanalyseerd. Dit zelfbeeld schippert tussen een gnostisch ‘angelisme’ (J. Maritain) enerzijds en een materialistisch animalisme anderzijds. De laatmoderne mens kan zijn zelfbeeld maar consequent in stand houden indien het dit zelfbeeld bezegelt door een daad van soevereine zelfvernietiging. Vervolgens wordt de stelling geponeerd dat deze antropocentrische wending maar ongedaan kan gemaakt worden door de algehele aristotelisch-thomistische metafysica te herontdekken. Deze stelling wordt geopponeerd aan andere uitwegen uit de antropocentrische wending, afkomstig uit de moderniteit zelf. In een derde deel worden argumenten voor en tegen de stelling gegeven omtrent een kerndeel van de aristotelisch-thomistische metafysica, namelijk de teleologie in de natuur, op basis van het metafysisch onderscheid tussen act en potentie. In een vierde en laatste deel wordt de teleologie in de natuur toegepast in de fundamentele moraal en argumenteer ik dat natuurlijke neigingen normatief zijn. Het is deze teleologische structuur van de natuur en de vertaling ervan in de natuurlijke neigingen, zoals die gekend worden door het praktische verstand, die ervoor zorgt dat het moeten nooit heteronoom kan zijn.

 Pagina : 113 - 127

Naar  Ethische Perspectieven 2/2016